Pieter van der Hoeven 1911-1980
| Pieter van der Hoeven (Amsterdam 23 October 1911 - Groningen 26 September 1980) was a professor at the University of Groningen between 1969 and 1977. |
Pieter van der Hoeven werd op 23 oktober 1911 in Amsterdam geboren als oudste zoon in een onderwijzersgezin van zes kinderen. Zijn vader was onderwijzer bij het lager onderwijs en later bij het MULO in Amsterdam. De in zijn tijd bekende rechtsgeleerde Johannes van der Hoeven (1916-2001) was een jongere broer. Pieter van der Hoeven studeerde wis- en natuurkunde aan de Gemeentelijke Universiteit in Amsterdam waar hij in December 1937 doctoraal examen deed; later noemde hij de natuurkundige Jacob Clay (1882-1955) zijn leermeester. Tussen 1939 en 1962 was hij leraar wis- en natuurkunde bij het middelbaar onderwijs: eerst in Batavia (de Algemene Middelbare School) en Semarang (tot 1946) en daarna bij de HBS in Deventer. Tijdens de Tweede Wereldoorlog en de Japanse bezetting van Nederlands-Indië zat hij gevangen in een Japans interneringskamp. In 1961 promoveerde hij cum laude in Groningen op een proefschrift, getiteld: Metafysica en Fysica bij Descartes. Zijn promotor was de Nijmeegse filosoof A.G.M. van Melsen, die van 1953 tot 1966 ook buitengewoon hoogleraar filosofie der exacte wetenschappen en logica aan de Rijksuniversiteit Groningen was. Van der Hoeven is in 1946 getrouwd met Mieke Houtman en vader van zes kinderen. Hij overleed op 26 september 1980 in Groningen.
Per 1 September 1962 werd hij benoemd tot wetenschappelijk hoofdmedewerker A aan het Mathematisch Instituut van de Rijksuniversiteit te Groningen, waar hij onderdelen van de wiskunde en geschiedenis der wijsbegeerte doceerde. Daarnaast was hij vanaf 1965 buitengewoon hoogleraar aan de Technische Hogeschool Delft. Hij aanvaardde zijn ambt op 16 Maart 1966 met de oratie De aard van wijsgerig denken, verantwoording van een methode. Uit deze rede blijkt dat Van der Hoeven en H.J.A. Duparc (1918-2002) rond 1942 tegelijkertijd in Batavia verkeerden. Naar aanleiding van deze benoeming kon men in het Algemeen Handelsblad (17 Maart 1966) lezen: "Het is verheugend te zien dat ook de oudste T.H. nu blijk geeft de tekenen des tijds te willen verstaan en het vak wijsbegeerte heeft geïncorporeerd in het studieprogramma van de T.H. zelf." In 1969 volgde zijn benoeming tot gewoon hoogleraar in de geschiedenis der wijsbegeerte in verband met de ontwikkeling der exacte wetenschappen te Groningen; dit ambt aanvaardde hij op 12 mei 1970 met de oratie De exacte wetenschap als toetssteen voor wijsgerig denken. Deze benoeming vond plaats bij de zogenaamde Centrale Interfaculteit, maar was slechts mogelijk als deze benoeming ook binnen een der gewone faculteiten kon plaatsvinden. De Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen weigerde echter Van der Hoeven op te nemen: "Waren de Natuurwetenschappen niet langdurig tegengewerkt door bepaalde vormen van Filosofie en door de Theologie?" [zie onderstaande verwijzing naar Hensen]. De Faculteit der Letteren wenste hem wel in haar midden op te nemen en zodoende kon een aanstelling bij de Centrale Interfaculteit toch plaatsvinden. Op 1 januari 1977 ging Van der Hoeven met emeritaat.
Van der Hoeven publiceerde talrijke artikelen en voorts twee boeken over Pascal (1964) en over Galilei (1966). In de genoemde publicaties toont hij de samenhang aan tussen wijsgerige, wiskundige en natuurwetenschappelijke vraagstukken. Van der Hoeven was in het begin van de jaren 1970 betrokken bij het Interfacultair Instituut voor Algemeen Pedagogisch-Didactiek (IFI); in dit instituut werd de didactiek vanuit verschillende disciplines benaderd.
Pasteltekening van de kerk te Leegkerk [30x45 cm]
Pieter van der Hoeven 1977
Piet van der Hoeven was vanaf 1965 organist in Eelde. Als organist begeleidde hij daar ook de restauratie van het kerkorgel. Hij had orgel gestudeerd bij Hendrik Bos (1868-1937) die ook de bekende organist Simon C. Jansen onder zijn leerlingen telde. Hij was secretaris van de commissie voor geloof en natuurwetenschap van de N.H. kerk en redactielid van het tijdschrift Wending.
Aan de zoon Han van der Hoeven, de filosoof Theo Kuipers en aan de Onderwijs Administratie Filosofie is dank verschuldigd voor hulp bij de totstandkoming van deze pagina.
Publicaties van P. van der Hoeven:
- Metafysica en fysica bij René Descartes. Proefschrift Groningen, Noorduyn 1961
- Blaise Pascal. Het Wereldvenster 1964
- Galileï. Het Wereldvenster 1964
- De aard van wijsgerig denken, verantwoording van een methode. Oratie Technische Hogeschool Delft, Gorinchem 1966
- De exacte wetenschap als toetssteen voor wijsgerig denken. Oratie Rijksuniversiteit Groningen. Baarn 1970
- René Descartes: wetenschap en wijsbegeerte. Het Wereldvenster 1972
- De Cartesiaanse fysica in het denken van Spinoza. Voordracht gehouden te Rijnsburg, Leiden 1973
- Newton, een inleiding tot zijn wijsgerige inzichten. Het Wereldvenster 1979
Literatuur over P. van der Hoeven:
- E.W.A. Hensen, Rijksuniversiteit Gronigen 1964-1989. Wolters-Noordhoff/Egbert Forsten
[HWB en HSVdS, January 2026]
